inventarisatie
een gebied of groep gebouwen
Verwachtings- of attentiekaarten: bij welk gebouw zijn waarden bekend of mogelijk aanwezig.
kennis
Koop of verbouw je een rijksmonument, dan kom je al snel het woord bouwhistorisch onderzoek tegen. Het laat zien wat een gebouw in de loop van de tijd heeft meegemaakt, en daarmee wat je liever laat zoals het is en waar je ruimte hebt om te veranderen. Hieronder lees je wat het onderzoek is, wanneer het zinvol is en wie het doet. Het gebouw zelf is daarbij de belangrijkste bron, zegt de RCE.

Bouwhistorisch onderzoek brengt de cultuurhistorische waarden van een gebouw in beeld. Bij deze vorm van historisch onderzoek is het gebouw zelf de voornaamste bron van informatie. Het onderzoek bestaat uit twee delen: de opname van het gebouw, en archief- en literatuuronderzoek naar kaarten, tekeningen, foto’s en geschreven gegevens.

bron: RCE, Bouwhistorie · Monumenten.nl, Bouwhistorisch onderzoek
Voorafgaand aan verbouwen, transformeren of verduurzamen. De RCE schrijft dat onderzoek en een cultuurhistorische waardestelling vóór de planvorming inspiratie voor het bouwplan geven, meer van het monument behouden en tegenvallers in het proces kunnen voorkomen, waarmee kosten worden bespaard. Gemeenten kunnen in een voorgesprek adviseren over de noodzaak en de diepgang.
bron: RCE, Bouwhistorie · RCE, Bouwhistorie: nut en noodzaak

inventarisatie
Verwachtings- of attentiekaarten: bij welk gebouw zijn waarden bekend of mogelijk aanwezig.
verkenning
De bouw- en gebruiksgeschiedenis in kaart, met een waardestelling van alle onderdelen en ruimtes.
opname
Soms pas mogelijk als latere afwerking deels wordt verwijderd. Gedocumenteerd met analyse, opmetingen, foto’s en tekeningen.
Wat voor vorm nodig is, hangt af van het gebouw en het doel. Een plan van onderzoek legt de proportionele keuze vast. Te veel onderzoek leidt volgens de RCE tot te hoge kosten.

Een bouwhistoricus adviseert wat zeker behouden moet blijven en wat minder van belang is, bijvoorbeeld bij de vraag waar een nieuwe trap kan komen en of een aftimmering weg mag. Monumenten.nl adviseert een onafhankelijk onderzoeksbureau, en noemt het kwaliteitsregister van de Bond van Nederlandse Bouwhistorici. De Richtlijnen Bouwhistorisch Onderzoek zijn sinds 2024 een uitvoeringsrichtlijn van Stichting ERM; erkende bouwhistorici werken daarmee.
bron: Monumenten.nl, Bouwhistorisch onderzoek · RCE, Vormen van bouwhistorisch onderzoek

Een bouwhistoricus onderzoekt het gebouw zelf: de bouwsporen, de materialen, de constructie en alle verbouwingen. Zo komt hij of zij tot de bouwfasen en de waardestelling. Een kunsthistoricus onderzoekt de geschiedenis van de kunst: stijlen, kunststromingen en ontwerpers, in architectuur, schilderkunst en beeldhouwkunst. Het gebouw als materiaal tegenover het gebouw als kunst en stijl. In de praktijk vullen ze elkaar aan, vooral bij een monument met opvallende interieurs of kunstwerken.
bron: Wikipedia, Bouwhistorie · Wikipedia, Kunstgeschiedenis
Een rapport is meer dan tekst. Drie dingen die je er vaak in vindt: een blik op de constructie, het archief erbij en een kaart met de waardestelling.

In een kapconstructie zie je hoe de timmerlieden werkten: de verbindingen, de telmerken, het hout dat soms hergebruikt is of later vervangen. Die sporen laten zien welk deel oorspronkelijk is. Meer over die merktekens staat bij telmerken.

Het tweede deel van het onderzoek zit in het archief: oude kaarten, bouwtekeningen, foto’s en aktes. Samen met wat je aan het gebouw ziet, geeft dat de bouwfasen en de datering.
bron: RCE, Bouwhistorie

Aan het eind van een onderzoek kleurt de bouwhistoricus een plattegrond in. Zo zie je in één oogopslag wat je het liefst ongemoeid laat en waar je meer ruimte hebt om te veranderen. Dat heet een waardestelling. Hieronder een eigen, schematisch voorbeeld van redres, geen bestaand gebouw.
De kleuren komen uit de Richtlijnen Bouwhistorisch Onderzoek en de uitvoeringsrichtlijn URL 2007. Muren en wanden worden helemaal ingekleurd, vloeren en kappen krijgen een kruis, ramen en deuren een cirkel met een stip. Een onderdeel dat je niet kunt zien of waar je niet bij kunt, krijgt een vraagteken in plaats van een kleur. De waardestelling is geen dictaat: wat je ermee doet, bespreek je met de gemeente en de andere betrokkenen.
bron: Richtlijnen Bouwhistorisch Onderzoek (Rijksvastgoedbedrijf, RCE) · URL 2007, Bouwhistorisch onderzoek met waardestelling (VEBM, versie 1.1) · P. C. Meijers, Wat is monumentenwaardering?
Gesneden, gehaalde of gehakte tekens in balken en stijlen, door de timmerlieden zelf aangebracht.

Een telmerk is een gesneden, gehaald of ingehakt kenmerk op een onderdeel van een houtconstructie. Met telmerken gaven timmerlieden aan wat voor constructieonderdelen en verbindingen van kapconstructies en gebinten bij elkaar hoorden, zodat ze op de bouwplaats op de juiste plek kwamen.
bron: Wikipedia, Telmerk
Bij gebinten van boerderijen staan telmerken vaak op de ankerbalk, de korbelen en de langsschoren. Per gebintvlak (travee) kregen alle onderdelen hetzelfde cijfer: I, II, III, IV en verder. Een extra kenmerk aan één kant maakte onderscheid tussen links en rechts. Er zijn ook gebinten waarin over alle stijlen in één rij is doorgeteld.
bron: Wikipedia, Telmerk
Aan telmerken is vaak te zien of een houtconstructie nog oorspronkelijk is, of het hout is hergebruikt en of er onderdelen zijn vervangen. Telmerken van vóór ongeveer 1350 werden gesneden of gehaald, en bestonden meestal uit Romeinse cijfers. Latere telmerken werden vaak met een beitel gehakt. Ook bestaan er telmerken van ronde gaatjes.
bron: Wikipedia, Telmerk
Weet je wat beschermd is, dan kun je kijken wat je mag veranderen.
ook handig: